|
De Azteken

De Azteken 900-1521 n. Chr.
* Wat was de hoofdstad van het Aztekenrijk? *
Wat is een chinampa? * Hoe dachten de Azteken dat
de huidige wereld aan zijn einde zou komen?
Het imperium van de Azteken is vaak het eerste
waar mensen aan denken als ze het over Mexico
hebben. Het roept beelden op van enorme piramides,
fel gekleurde kostuums en een dapper volk dat hard
heeft gevochten tegen de verovering van de
Spanjaarden. Toeristen die tegenwoordig Mexico
Stad bezoeken vinden het fantastisch om de
overblijfselen te zien van de prachtige
Aztekenhoofdstad, Tenochtitlan.

Het woord "Mexico" stamt af van de
andere naam voor de Azteken, namelijk Mexicas.
Oorspronkelijk kwamen ze uit Aztlán, een plaats
waarvan men denkt dat het in het noordwesten van
Mexico lag. De legende vertelt dat hun zonnegod
Huitzilopochtli hen begeleidde om een nieuwe plek
te vinden om te wonen.
Hij zei dat ze zouden weten dat ze aangekomen
waren, als ze een adelaar op een nopalcactus
zouden zien staan met een slang in zijn bek. Dit
zou het teken zijn voor hen om hier hun nieuwe
leven op te bouwen. Zij verlieten Aztlán in de
12e eeuw en vestigden zich nog in verscheidene
plaatsen, voordat ze uiteindelijk in de 13e eeuw
aankwamen in de vallei van Mexico.

Ze vochten tegen andere volkeren die dit gebied
bewoonden en werden uiteindelijk gevangen genomen
door een aantal stammen dat hun krachten gebundeld
had tegen de Azteken. Later werden de Mexicas
bevrijd en werden ze achtergelaten om in een heel
dunbevolkt gebied van moerasland te wonen vlakbij
een aantal meren, waarvan Texcoco het grootste
was.
Volgens de legende was het hier, waar zij de
adelaar met de slang in zijn bek zagen, precies
zoals Huitzilopochtli het hen had beschreven. Zij
vestigden zich hier en uiteindelijk werd dit de
stad Tenochtitlan, nu Mexico Stad.
Tenochtitlan
In die tijden moet het een indrukwekkend
gezicht zijn geweest om in de stad Tenochtitlan
aan te komen en daar de Grote Tempel te zien die
hoog boven de omliggende huizen en gebouwen
uittorende. Bovenop de piramide stonden twee
identieke tempels. Eén van de tempels was gewijd
aan de regengod, Tlaloc, en de andere aan de god
van de zon, Huitzilopochtli.

In het centrum van de stad was ook een balveld,
waar toeschouwers naar een spel konden kijken
waarbij twee teams probeerden een bal door een
ring te werpen. De schedels van geofferde
slachtoffers werden op rijen van houten palen
geregen, dit werd de Tzompantli genoemd.
De Azteekse adel woonde gewoonlijk in paleizen
buiten het ceremoniële gedeelte van de stad. De
ambachtslieden en boeren woonden in de
buitenwijken. De stad en de andere eilanden waren
verbonden met de oever van het meer door middel
van verhoogde wegen. In plaats van wegen hadden ze
kanalen en mensen liepen op de voetpaden die daar
langs lagen.

De Mexicas hadden niet veel land te cultiveren,
dus maakten ze zelf eilanden waar ze groente,
kruiden, medicinale planten en bloemen op
verbouwden. Deze eilanden heetten chinampas en
werden gemaakt van aan elkaar geweven biezen
bedekt met lagen modder.

De Mexicas plantten ahuejotes (een soort
wilgenboom) op de chinampas, zodat als ze groter
werden, hun wortels zouden helpen alles bij elkaar
te houden. Op deze manier breidden ze geleidelijk
hun land uit. Dit chinampas systeem wordt nog
steeds gebruikt in plaatsen als Xochimilco in
Mexico Stad.
Landbouw en Voedsel
De Azteken verbouwden van alles, maar
voornamelijk maïs, bonen, chilipepers, tomaten,
kalebassen, tabak, cacao en nopalcactussen. Het
dagelijkse eten bestond hoofdzakelijk uit
tortillas die gegeten werden met sauzen, gemaakt
van chili's en tomaten, samen met gekookte bonen.

Dit is voor de meeste Mexicanen nog steeds niet
veel veranderd. Luxe voedsel waren cacaodrankjes,
vlees (van kwartels of van de enige twee
belangrijke huisdieren de kalkoen en de haarloze
hond) en vis, die van de kust werd gehaald waarbij
gebruik werd gemaakt van een systeem van
estaffette renners. Ze aten ook vis uit het meer,
kikkers, waterslangen, eenden en reigers.
Nummerieke systeem van de Azteken

De Azteken telden in blokken van twintig, in
plaats van tien zoals wij doen. Eén vlag stond
voor twintig, dus vier vlaggen stond gelijk aan
tachtig. Ze gebruikten andere symbolen voor
grotere getallen, zoals een veer voor vierhonderd.
Het Azteekse Rijk
Tenochtitlan besloeg bijna 13 vierkante meter
en telde ongeveer 80.000 inwoners toen de
Spanjaarden arriveerden in 1519. Het was het
middelpunt van het Azteken imperium, dat toen al
naar midden- en zuid-Mexico uitgebreid was. De
Azteken werden als machtigste groep beschouwd in
een streek die onder andere bestond uit enkele
landen van wat nu Midden Amerika is. Veroverde
volkeren moesten pacht betalen aan de Azteken, in
de vorm van goederen of diensten, waarmee
Tenochtitlan en andere steden werden onderhouden.

Om te handelen waren er lokale markten en
handelaren (Pochteca genoemd) die hun goederen
door het hele land verhandelden.
De Zonnesteen

De Azteken geloofden dat de wereld al vier keer
was verwoest, één keer door jaguars, één keer
door de wind, één keer door brand en één keer
door overstroming. Een enorme uitgehouwen steen
beschrijft deze vier werelden en de huidige,
vijfde wereld, die zal worden verwoest door een
aardbeving. Deze steen, die te bezichtigen is in
het Nationale Antropologisch Museum, werd de
Zonnesteen genoemd.
Onderwijs
Azteekse kinderen begonnen vanaf hun derde jaar
thuis met hun onderwijs, de jongens kregen les van
hun vader en de meisjes van hun moeder. In
Tenochtitlan konden de zoons van de Azteekse
edelen naar een school, die de Calmecac heette,
als ze 15 waren.

Hier werden ze opgeleid tot priester of
politiek administrateur. Er werd ze medicijnen,
astronomie, kalenderberekening, schrijven,
geschiedenis, literatuur, filosofie, rechten,
regering en militaire strategie geleerd.
De zoons van de middenklasse gingen naar een
andere school, die Telpochcalli heette, waar ze
leerden om ornamenten te maken met veren, stenen
te bewerken, beeldhouwen en om krijgers te worden.
Meisjes werden opgeleid om priesteressen te worden
en leerden breien en te werken met veren om
religieuze voorwerpen van te maken.
Het Geloof
Het geloof was een heel belangrijk deel van de
Azteekse cultuur. Ze aanbeden een groot aantal
Goden en Godinnen. Zij geloofden dat er een
Regengod, een God van de zon, een God van de maan,
een Vruchtbaarheidsgod, een God van oorlog en vele
andere Goden bestonden. Om hun Goden te aanbidden
bouwden de Azteken tempels bovenop piramides.

Ze geloofden dat sommige Goden gevoed moesten
worden met menselijk bloed, dus offerden de
priesters in sommige tempels mensen. De
slachtoffers werden vastgehouden terwijl hun hart
uit hun borstkas werd gesneden en vervolgens nog
kloppend, omhoog werd gehouden. Men denkt dat de
slachtoffers zich vereerd voelden om geofferd te
worden.
Huitzilopochtli (de Zonnegod) moest
bijvoorbeeld gevoed worden met mensenbloed om door
te kunnen gaan met schijnen en leven geven. Oorlog
was niet alleen een favoriete activiteit van de
Azteken, het leverde ze ook gevangenen op die
geofferd konden worden om er voor te zorgen dat de
zon iedere dag weer op zou komen. Voor de Azteken
was leven en dood een vicieuze cirkel, degenen die
werden geofferd gaven het leven weer door aan
anderen.
Codices

De Azteken schreven codices, oude manuscripten
die tot op heden bewaard zijn gebleven. Codices
bestonden uit figuurlijke symbolen, getekend op
repen schors of hertenhuid en werden gebruikt om
kinderen mee te onderwijzen en om historische
gebeurtenissen op vast te leggen.
Het einde van het Azteken imperium
De Spanjaarden arriveerden in 1519, onder
leiding van Hernán Cortés, aan de Mexicaanse
kust en toen zij hoorden van de grote stad
Tenochtitlan trokken ze er naar toe terwijl andere
volkeren zich onderweg bij hen aansloten.
Verschillende dingen hebben bijgedragen tot het
succes van de veroveraars van de Azteken.
De keizer Moctezuma II verwachtte de terugkeer
van een god genaamd Quetzalcoatl en hij maakte de
vergissing door aan te nemen dat Cortés de
terugkerende god was.

Door de vreemde kleding van de Spanjaarden, die
onder meer bestond uit een metalen harnas, hun
vreemde dieren (In Amerika had men nog nooit
paarden gezien) en hun explosieve wapens, dachten
de Azteken dat zij "goddelijk" bezoek
hadden.
En zo verwelkomde Moctezuma, de Spanjaarden met
open armen en behandelden hen met respect in
plaats van ze aan te vallen.
De andere volkeren, zoals de Tlaxcalanen, boden
Cortés maar wat graag hun militaire steun aan
omdat zij de Azteken als hun vijanden beschouwden.
De Spanjaarden brachten ook ziektes met zich
mee, zoals bijvoorbeeld de pokken, die veel mensen
uit Tenochtitlan het leven kosten.
Al deze factoren droegen bij aan de nederlaag
van de Azteken, ondanks één heldhaftige strijd
waarbij ze de Spanjaarden uit de stad verdreven.
Helaas verzamelde Cortés nog meer stammen om hem
te steunen en zo vielen ze Tenochtitlan opnieuw
aan.

Op 13 augustus 1521 gaf de nieuwe keizer,
Cuauhtémoc, zich uiteindelijk over. Het Azteken
imperium bestond niet meer. Mexico's koloniale
tijdperk was aangebroken.
De Azteken hebben een grote invloed gehad op de
ontwikkeling van de Mexicaanse cultuur. Hun taal,
Nahuatl, wordt in verschillende streken van Mexico
nog steeds gesproken en veel festiviteiten die nog
door het hele land gevierd worden komen voort uit
Azteken tradities.
|